Hoewel het 13e Amendement wettelijk gezien een einde maakt aan de slavernij in de Verenigde Staten, duurt het nog heel lang voordat er sprake is van gelijke rechten. Speciale wetten zorgen ervoor dat de burgerrechten van Afro-Amerikanen sterk worden beperkt op basis van hun huidskleur en etniciteit. Deze racistische wetten, zoals de ‘Black Codes’ en Jim Crow-wetten, zorgen voor een apartheidssysteem in Amerika. Het betekent een scheiding op basis van huidskleur in het openbaar vervoer, scholen, horeca, publieke instellingen en woonwijken.
Hier is veel weerstand tegen en deze weerstand komt in 1950 in een stroomversnelling terecht. De Civil Rights Movement was een speerpunt van deze strijd. Martin Luther King Jr. is een van de bekendste leden van de beweging. Hij organiseert vanaf de jaren 50 geweldloze protesten als wapen tegen racisme, discriminatie en haat. Zoals het boycotten van bussen die mensen van kleur achterin laten zitten.
Martin Luther King spreekt op 28 augustus 1963 een enorme menigte toe in Washington DC tijdens 'March on Washington for Jobs and Freedom'.
De acties laten zien dat met het organiseren van geweldloze protesten heel wat bereikt kan worden. Daarom komen op 28 augustus 1963 talloze mensen in Washington samen om vreedzaam te protesteren tegen de ongelijke rechten van de Afro-Amerikaanse bevolking. Tijdens deze ‘Mars naar Washington’ geeft Martin Luther King Jr. een van de meest memorabele toespraken aller tijden voor meer dan 200.000 mensen van allerlei etniciteiten en leeftijden. Zijn beroemde woorden ‘I have a dream’ gingen de hele wereld over.
Met de Civil Rights Act van 1964 wordt de rassensegregatie op papier afgeschaft. Deze wet verbiedt discriminatie op basis van etniciteit, huidskleur, sekse en religie. Maar in de praktijk is er nog steeds veel ongelijkheid te zien in de Verenigde Staten en blijft de strijd tegen racisme doorgaan.