Artikel

Alle Europa's

Column door Guido van Hengel

Vroeger waren er – heel eenvoudig – twee Europa’s: Oost-Europa en West-Europa. Vroeger, dat wil zeggen de periode tussen grofweg 1945 en 1989, toen het spreekwoordelijke IJzeren Gordijn de twee Europa’s uit elkaar hield.

Die twee Europa’s waren, laten we zeggen, eenvoudig te herkennen. Oost-Europa was communisme, grauwe flatwijken, een onvrije samenleving, culturele censuur, militaire parades en lange rijen op straat voor winkels met levensmiddelen. West-Europa was kapitalisme, welvaart,  vrijheid, Mercedes-auto’s, popmuziek en disco, en overvolle supermarkten. 

Natuurlijk had deze tweedeling weinig met de werkelijkheid van doen. De wereld is nooit zwart-wit. Uit Oost-Europa kwam geweldige popmuziek en in West-Europa bestond armoede. Grauwe flatwijken had je in beide Europa’s. Ook geografisch klopte het niet. Wie vanuit ‘Oost-Europees’ Praag reisde naar ‘West-Europees’ Wenen moest (en moet nog steeds) de trein in oostelijke richting nemen. Griekenland lag zogenaamd in ‘West-Europa’, maar Albanië, dat ten Westen van Griekenland ligt, behoorde dan weer tot Oost-Europa. De twee Europa’s bestonden niet zozeer in het oostelijke of westelijke deel van het continent, als wel in de hoofden van mensen.

De Tsjechische schrijver Milan Kundera vond dat tragisch, en schreef er in 1984 een beroemd essay over. Volgens Kundera was zijn toenmalige thuisland Tsjechoslowakije cultureel gezien helemaal geen onderdeel van Oost-Europa. Hij benadrukte dat Tsjechoslowakije tot Midden-Europa behoorde, een gebied dat in de geschiedenis veelal geleden had onder oorlog, verdrijving, genocide, en de misvatting dat er twee Europa’s bestonden.

Vijf jaar nadat Kundera het essay had gepubliceerd, viel de Berlijnse Muur en zouden de Europa’s naar elkaar toe groeien. Dat ging politiek en economisch met horten en stoten maar over het algemeen leek het te lukken. Dat gold niet voor de denkbeelden in de hoofden van de mensen. De jaren van 1945 tot 1989 hadden de bovengenoemde voorstellingen van Oost-Europa en West-Europa te diep in het bewustzijn gebrand.

Orbáns Europa is niet aan te wijzen op de kaart

Na 1989 hebben de landen van het voormalige Oost-Europa veel energie gestoken in het kopiëren van Westerse politieke en economische systemen, lifestyles en opvattingen. Het Oost-Europese zou overgeschilderd worden met het West-Europese. Inmiddels hebben veel regeringen besloten daarmee te stoppen. In Hongarije en Polen, en in zekere mate ook in Tsjechië en Slowakije, bestaat een verlangen naar een ander Europa. Is dat het oude Oost-Europa? Of is het een ander soort West-Europa? Of is het Kundera’s Midden-Europa? Het is moeilijk te zeggen, maar wie goed luistert naar de speeches van bijvoorbeeld de Hongaarse premier Viktor Orbán zal ontdekken dat dit Europa iets weg heeft van het oude Europa dat bestond vóór de Tweede Wereldoorlog. Traditie, gezinswaarden, patriottisme en het christelijk geloof spelen daarin een bepalende rol. Democratie en liberalisme iets minder.

Het is interessant om te zien dat Orbáns ‘Europa’ ook populariteit geniet in de landen die ooit tot West-Europa behoorden. Nederlandse, Engelse en Franse politici ter rechterzijde van het politieke spectrum hebben het Europa van Orbán met instemming begroet. Dit Europa is dus niet aan te wijzen op de kaart. Het is een Europa dat zowel in West-Europa als in Oost-Europa weerklank vindt, en zeker niet alleen behouden is voor Midden-Europa. Sterker nog, er zijn zelfs mensen buiten Europa die zich identificeren met Orbáns Europa.

Erg verwarrend allemaal. Daarom pleit ik ervoor om alle Europa’s die bestaan en hebben bestaan – van Oost- naar West en van Binnen- naar Buiten – niet te lokaliseren op de kaart, maar in de tijd. Waar is Europa? Nee, wanneer is Europa!

Het is een uitstekende reden om vaker en dieper te graven in de geschiedenis. Wat je daar ontdekt geeft namelijk broodnodige context aan wat Orbán zegt over Europa, of wat Kundera erover schreef, of wat je zelf – in 2020 – van Europa vindt.

Guido van Hengel is historicus. Hij is gespecialiseerd in de geschiedenis van de Balkan en de Eerste Wereldoorlog en publiceerde onder meer een biografie van Gavrilo Princip.